Huurovereenkomst voor woonruimte - modelformulier Pro · NL-law
✓ Valid in Netherlands · drafted to comply with local law
Create your Huurovereenkomst voor woonruimte - modelformulier for use in Netherlands. Answer a few plain-English questions and the document fills in automatically as you go — then download it in Word and PDF, ready to sign or share. This version has been professionally rewritten to comply with local law.
- Answer 32 simple questions — the document fills in as you go
- Live preview: watch your document update in real time
- Download as Word (.docx) and PDF
- Edit your answers and re-download anytime
Fill in the details
0/32Type below — the document on the right updates as you go.
HUUROVEREENKOMST ZELFSTANDIGE WOONRUIMTE
(woonruimte in de zin van artikel 7:233 jo. 7:234 BW)
DE ONDERGETEKENDEN:
1. ________, geboren op ________ te ________, wonende aan ________, legitimerend door middel van identiteitsbewijs met nummer ________;
hierna te noemen de "Verhuurder";
en
2. ________, geboren op ________ te ________, wonende aan ________, legitimerend door middel van identiteitsbewijs met nummer ________;
hierna te noemen de "Huurder";
de Verhuurder en de Huurder hierna gezamenlijk te noemen de "Partijen" en ieder afzonderlijk een "Partij";
OVERWEGENDE DAT:
a. de Verhuurder gerechtigd is tot het in deze overeenkomst omschreven gehuurde en dit aan de Huurder wenst te verhuren;
b. de Huurder het gehuurde wenst te huren als zelfstandige woonruimte;
c. Partijen de voorwaarden van deze huur in onderhavige overeenkomst (hierna de "Huurovereenkomst") wensen vast te leggen, met inachtneming van de dwingendrechtelijke bepalingen van afdeling 7.4 van het Burgerlijk Wetboek;
KOMEN ALS VOLGT OVEREEN:
Art. 1 – HET GEHUURDE
1.1 De Verhuurder verhuurt aan de Huurder, die in huur aanvaardt, de zelfstandige woonruimte als bedoeld in artikel 7:234 BW, gelegen aan ________, kadastraal bekend ________, nader omschreven als:
________
hierna te noemen het "Gehuurde".
1.2 Het Gehuurde wordt door de Huurder uitsluitend gebruikt overeenkomstig de in artikel 10 omschreven bestemming.
1.3 Bij aanvang van de Huurovereenkomst wordt door Partijen een door beiden ondertekend beschrijving van de staat van het Gehuurde (opnamestaat) opgesteld, welke beschrijving onlosmakelijk onderdeel uitmaakt van deze Huurovereenkomst.
Art. 2 – STAAT VAN HET GEHUURDE BIJ AANVANG
2.1 Het Gehuurde wordt bij aanvang van de Huurovereenkomst aan de Huurder opgeleverd en door de Huurder aanvaard in goede staat en zonder gebreken in de zin van artikel 7:204 BW, behoudens de gebreken die in de opnamestaat zijn vermeld.
2.2 Een bij aanvang van de Huurovereenkomst aanwezig gebrek wordt door de Verhuurder binnen een redelijke termijn na schriftelijke melding door de Huurder hersteld, overeenkomstig artikel 7:206 BW.
Art. 3 – DUUR EN INGANG
3.1 De Huurovereenkomst wordt aangegaan voor onbepaalde tijd en gaat in op ________.
3.2 De Huurovereenkomst kent een minimumtermijn van ________, gedurende welke termijn de Huurovereenkomst niet door de Huurder kan worden opgezegd. Na het verstrijken van de minimumtermijn wordt de Huurovereenkomst voor onbepaalde tijd voortgezet, behoudens opzegging overeenkomstig artikel 4.
Art. 4 – OPZEGGING EN BE\u00cbINDIGING
4.1 Opzegging dient te geschieden bij aangetekende brief of deurwaardersexploot, met inachtneming van de hierna genoemde opzegtermijnen, een en ander conform de artikelen 7:271 tot en met 7:274 BW.
4.2 De Huurder kan de Huurovereenkomst na afloop van de minimumtermijn te allen tijde opzeggen met inachtneming van een opzegtermijn gelijk aan de termijn van huurbetaling, met een minimum van \u00e9\u00e9n maand en een maximum van drie maanden.
4.4 Een opzegging door de Verhuurder dient de Huurder te verzoeken binnen zes weken schriftelijk te berichten of hij al dan niet instemt met de be\u00ebindiging. Indien de Huurder niet instemt, eindigt de Huurovereenkomst slechts indien de rechter het tijdstip van be\u00ebindiging vaststelt, een en ander conform artikel 7:272 BW.
4.5 Partijen kunnen de Huurovereenkomst te allen tijde met wederzijds goedvinden schriftelijk be\u00ebindigen.
Art. 5 – HUURPRIJS, SERVICEKOSTEN EN BETALING
5.1 De maandelijkse betalingsverplichting van de Huurder bestaat met ingang van de ingangsdatum uit:
a. een kale huurprijs van €________ (________); en
b. een voorschot voor nutsvoorzieningen met een individuele meter en servicekosten van €________ (________).
5.2 De Verhuurder verstrekt de Huurder jaarlijks, uiterlijk zes maanden na het verstrijken van een kalenderjaar, een naar de soort uitgesplitste afrekening van de servicekosten en de kosten van nutsvoorzieningen, overeenkomstig artikel 7:259 BW.
5.3 De betaling geschiedt maandelijks bij vooruitbetaling en dient uiterlijk te zijn voldaan op ________.
5.4 Betaling geschiedt door overmaking op IBAN ________ ten name van de Verhuurder, zonder recht op opschorting of verrekening, behoudens dwingendrechtelijke uitzonderingen.
5.5 Bij niet-tijdige betaling is de Huurder van rechtswege in verzuim en is hij de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW verschuldigd.
Art. 6 – HUURPRIJSWIJZIGING
6.1 Op het Gehuurde is een niet-geliberaliseerde (gereguleerde) huurprijs van toepassing als bedoeld in de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte. De kale huurprijs kan jaarlijks door de Verhuurder worden verhoogd tot ten hoogste het wettelijk vastgestelde maximale huurverhogingspercentage.
6.2 De Verhuurder dient een voorstel tot huurverhoging ten minste twee maanden v\u00f3\u00f3r de voorgestelde ingangsdatum schriftelijk aan de Huurder kenbaar te maken, met inachtneming van artikel 7:252 BW.
6.3 Na het aanbrengen van verbeteringen aan het Gehuurde kan de Verhuurder een redelijke huurverhoging voorstellen, mits is voldaan aan de wettelijke voorwaarden. Dit staat los van de jaarlijkse huurverhoging.
6.4 Een voorstel tot huurprijswijziging na veranderingen aan het Gehuurde is niet toegestaan indien de veranderingen zijn aan te merken als het verhelpen van achterstallig onderhoud.
6.5 De Huurder kan de redelijkheid van de huurprijs en de huurverhoging laten toetsen door de Huurcommissie, conform de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte.
Art. 7 – BELASTINGEN EN HEFFINGEN
7.1 Partijen dragen ieder zorg voor de nakoming van hun verplichtingen ter zake van wettelijk verschuldigde belastingen en heffingen over het Gehuurde.
7.2 Voor rekening van de Verhuurder komen de volgende belastingen en heffingen:
________
7.3 Voor rekening van de Huurder komen de volgende belastingen en heffingen:
________
Art. 8 – WAARBORGSOM
8.1 Als zekerheid voor de juiste nakoming van zijn verplichtingen betaalt de Huurder, uiterlijk bij aanvang van de Huurovereenkomst, een waarborgsom van €________ (________) aan de Verhuurder. De waarborgsom bedraagt ten hoogste twee maal de kale huurprijs, overeenkomstig de Wet goed verhuurderschap.
8.2 De Verhuurder is gerechtigd op de waarborgsom in te houden hetgeen de Huurder uit hoofde van deze Huurovereenkomst verschuldigd is, waaronder achterstallige huur en kosten van herstel van door de Huurder veroorzaakte schade.
8.3 De Verhuurder betaalt de waarborgsom uiterlijk binnen veertien dagen na het einde van de Huurovereenkomst en de oplevering van het Gehuurde aan de Huurder terug, onder verrekening van het overeenkomstig lid 8.2 verschuldigde, een en ander conform de Wet goed verhuurderschap.
Art. 9 – BEHEER
9.1 Het Gehuurde wordt beheerd door ________ (hierna de "Beheerder").
9.2 De Huurder richt zich voor alle aangelegenheden met betrekking tot de Huurovereenkomst tot de Beheerder, bereikbaar via ________.
Art. 10 – BESTEMMING EN GEBRUIK
10.1 Het Gehuurde is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt als woonruimte, waarin maximaal ________ perso(o)n(en) hun hoofdverblijf hebben. Het is de Huurder niet toegestaan de bestemming te wijzigen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Verhuurder.
10.2 De Huurder zal zich als een goed huurder gedragen overeenkomstig artikel 7:213 BW en het Gehuurde gebruiken overeenkomstig de bestemming.
10.3 Het is de Huurder zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Verhuurder niet toegestaan het Gehuurde geheel of gedeeltelijk onder te verhuren of in gebruik aan derden af te staan, behoudens het dwingendrechtelijke recht op woningruil en het recht van de hoofdbewoner als bedoeld in artikel 7:268 BW.
10.4 De Huurder zal omwonenden en medebewoners geen onredelijke hinder of overlast veroorzaken.
Art. 11 – WOONPLAATS EN MEDEDELINGEN
11.1 Vanaf de ingangsdatum worden alle mededelingen aan de Huurder gericht aan het adres van het Gehuurde, zijnde de werkelijke woonplaats van de Huurder.
11.2 Indien het Gehuurde niet langer de woonplaats van de Huurder is, is de Huurder verplicht de Verhuurder onverwijld schriftelijk in kennis te stellen van zijn nieuwe woonplaats.
11.3 Indien na be\u00ebindiging van de Huurovereenkomst geen nieuwe woonplaats aan de Verhuurder bekend is gemaakt, blijft het adres van het Gehuurde als woonplaats van de Huurder gelden.
Art. 12 – ONDERHOUD EN HERSTELLINGEN
12.1 De Verhuurder is verantwoordelijk voor het verhelpen van gebreken en het uitvoeren van het onderhoud aan het Gehuurde, voor zover dit op grond van artikel 7:206 BW en artikel 7:217 BW niet voor rekening van de Huurder komt.
12.2 De Huurder is verantwoordelijk voor de kleine herstellingen, zoals nader omschreven in het Besluit kleine herstellingen, en voor herstellingen die door zijn schuld of nalatigheid noodzakelijk zijn geworden.
12.3 De Huurder meldt gebreken die voor rekening van de Verhuurder komen zo spoedig mogelijk schriftelijk bij de Verhuurder. De Verhuurder herstelt deze binnen een redelijke termijn.
12.4 De Huurder is verplicht de Verhuurder in de gelegenheid te stellen noodzakelijke onderhouds- en herstelwerkzaamheden uit te (doen) voeren en daartoe na voorafgaand overleg toegang tot het Gehuurde te verlenen.
Art. 13 – VERANDERINGEN AAN HET GEHUURDE
13.1 Het is de Huurder niet toegestaan zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Verhuurder veranderingen of toevoegingen aan de buitenzijde van het Gehuurde aan te (doen) brengen.
13.2 De Huurder is bevoegd veranderingen en toevoegingen aan de binnenzijde van het Gehuurde aan te brengen die bij het einde van de huur zonder noemenswaardige kosten ongedaan kunnen worden gemaakt en verwijderd, een en ander conform artikel 7:215 BW.
13.3 Bij het einde van de Huurovereenkomst is de Huurder verplicht door hem aangebrachte veranderingen ongedaan te maken en het Gehuurde in de oorspronkelijke staat terug te brengen, tenzij Partijen schriftelijk anders zijn overeengekomen.
13.4 Indien van overheidswege dwingende voorschriften worden gegeven of de Verhuurder wettelijk verplicht is tot veranderingen, gedoogt de Huurder deze veranderingen aan het Gehuurde.
Art. 14 – TOEGANG EN INSPECTIE
14.1 De Verhuurder en de door hem aan te wijzen personen zijn gerechtigd, na voorafgaand overleg met de Huurder en op redelijke tijdstippen, het Gehuurde te betreden voor inspectie van de staat daarvan, voor het uitvoeren van werkzaamheden en, bij voorgenomen be\u00ebindiging, voor bezichtiging door gegadigden.
Art. 15 – SCHADE EN AANSPRAKELIJKHEID
15.1 De Huurder is verplicht de Verhuurder onverwijld schriftelijk te informeren over (dreigende) schade aan het Gehuurde.
15.2 Bij onmiddellijk dreigende of zich uitbreidende schade meldt de Huurder dit terstond aan de Verhuurder en neemt de Verhuurder de noodzakelijke maatregelen ter beperking van verdere schade.
15.3 De Huurder is aansprakelijk voor schade aan het Gehuurde die is ontstaan door een tekortkoming in de nakoming van zijn verplichtingen uit deze Huurovereenkomst. Schade aan het Gehuurde wordt vermoed door de Huurder te zijn veroorzaakt, behoudens de gemeenschappelijke ruimten en brand, overeenkomstig artikel 7:218 BW.
15.4 De Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade aan zaken van de Huurder als gevolg van gebreken aan het Gehuurde, tenzij deze gebreken aan de Verhuurder zijn toe te rekenen of reeds bij aanvang van de Huurovereenkomst aanwezig waren en de Verhuurder deze toen kende of behoorde te kennen.
15.5 De Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade als gevolg van weersomstandigheden, overmacht of andere calamiteiten die niet aan de Verhuurder zijn toe te rekenen.
Art. 16 – MILIEU
16.1 De Huurder neemt de geldende wet- en regelgeving met betrekking tot het milieu in acht en gebruikt het Gehuurde niet op een wijze die schade aan het milieu toebrengt.
16.2 Bij niet-naleving van het bepaalde in dit artikel is de Huurder aansprakelijk voor de daaruit voortvloeiende gevolgen en schade.
Art. 17 – HUISDIEREN
17.1 Het houden van huisdieren in het Gehuurde is de Huurder toegestaan, mits dit geen overlast of schade veroorzaakt.
17.2 Indien een huisdier overlast veroorzaakt, is de Verhuurder gerechtigd redelijke aanwijzingen te geven ter beperking van de overlast. De Huurder is verplicht deze aanwijzingen op te volgen.
Art. 18 – TEKORTKOMING EN VERZUIM
18.1 Indien de Huurder een verplichting uit deze Huurovereenkomst niet, niet tijdig of niet behoorlijk nakomt, is de Verhuurder gerechtigd nakoming en/of vergoeding van de daaruit voortvloeiende schade te vorderen, met inachtneming van de artikelen 6:74 e.v. BW.
Art. 19 – ONTBINDING
19.1 Ieder der Partijen is bevoegd de Huurovereenkomst te (doen) ontbinden indien de andere Partij tekortschiet in de nakoming van een verplichting uit deze Huurovereenkomst of de wet, met inachtneming van het bepaalde in artikel 6:265 BW en, voor zover van toepassing, artikel 7:231 BW.
19.2 Ontbinding van een huurovereenkomst van woonruimte op grond van een tekortkoming van de Huurder kan, behoudens de uitzonderingen genoemd in artikel 7:231 lid 2 BW, slechts door de rechter geschieden.
19.3 De Partij die in verzuim is, is gehouden de redelijke buitengerechtelijke kosten en gerechtelijke kosten te vergoeden, met inachtneming van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten.
Art. 20 – OPLEVERING BIJ EINDE HUUROVEREENKOMST
20.1 Tenzij anders overeengekomen, levert de Huurder het Gehuurde bij het einde van de Huurovereenkomst op in de staat zoals vastgelegd in de opnamestaat bij aanvang, rekening houdend met normale slijtage en veroudering.
20.2 Partijen stellen bij het einde van de Huurovereenkomst gezamenlijk een eindinspectierapport op.
20.3 De kosten van het verwijderen van door de Huurder aangebrachte zaken en van het herstel van achterstallig onderhoud dat aan de Huurder is toe te rekenen, komen voor rekening van de Huurder.
Art. 21 – GOED VERHUURDERSCHAP EN INFORMATIE
21.1 De Verhuurder neemt de verplichtingen uit de Wet goed verhuurderschap in acht en heeft de Huurder v\u00f3\u00f3r aanvang van de Huurovereenkomst schriftelijk ge\u00efnformeerd over diens rechten en plichten ten aanzien van het Gehuurde.
21.2 Bij de totstandkoming van deze Huurovereenkomst is geen sprake geweest van ongerechtvaardigd onderscheid noch van het in rekening brengen van ongeoorloofde kosten.
Art. 22 – PARTI\u00cbLE NIETIGHEID
Art. 23 – PERSOONSGEGEVENS
23.1 De Verhuurder verwerkt de persoonsgegevens van de Huurder uitsluitend voor zover noodzakelijk voor de uitvoering van deze Huurovereenkomst en in overeenstemming met de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Uitvoeringswet AVG.
23.2 De Huurder heeft de in de AVG genoemde rechten, waaronder het recht op inzage, rectificatie en verwijdering van zijn persoonsgegevens.
Art. 24 – TOEPASSELIJK RECHT EN BEVOEGDE RECHTER
24.1 Op deze Huurovereenkomst is uitsluitend Nederlands recht van toepassing.
24.2 Geschillen die tot de bevoegdheid van de kantonrechter behoren, worden voorgelegd aan de kantonrechter van de rechtbank binnen het rechtsgebied waarvan het Gehuurde is gelegen, onverminderd de wettelijke bevoegdheid van de Huurcommissie.
Art. 25 – ONDERTEKENING
Aldus opgemaakt en ondertekend in tweevoud, waarbij elke Partij een exemplaar heeft ontvangen.
de Verhuurder
________
Datum van ondertekening: ________
Plaats van ondertekening: ________
__________________________________________
de Huurder
________
Datum van ondertekening: ________
Plaats van ondertekening: ________
__________________________________________
Fields you complete are inserted into the document live. This template is general guidance only — not legal advice.